dinsdag 22 april 2014

Willekeurig

Wie nieuwssites opent, kan niet om Ajaxsupporters heen. Als eerste stuitte ik op een reactie van de fanclub, die het willekeurig vindt, dat de 400 supporters, die in het vak stonden waaruit op Eerste Paasdag tijdens de KNVB-bekerfinale vuurwerk is gegooid, niet naar de wedstrijd tegen Heracles mogen, die voor aanstaande zondag gepland staat.
Aansluitend las ik een artikel over € 60.000,00 schade die Ajaxsupporters hebben aangericht tijdens de bekerfinale. Dan gaat het niet slechts over de stickers die geplakt zijn en waar onder andere opstaat "020 overal de baas". Het gaat wel over het vele dat vernield is. Kranen, deuren en wanden.
Het is allemaal te triest voor woorden. Al was dit voor mij geen reden om er iets over te schrijven. Totdat ik een video zag die gemaakt is vanuit het desbetreffende supportersvak. 
Naast het vandalisme was er nog iets waar ik van schrok. De spreekkoren. Wat aan het begin te horen is, telt niet mee. Wanneer 'Amsterdammers' tegen 'Zwollenaren' 'boeren' roepen, dan lig ik daar niet wakker van. Maar daarna volgt andere taal. Te horen valt, dat er gescandeerd wordt: "Aboutaleb, de joden komen er aan".
Er is terecht veel kritiek wanneer richting supporters van Ajax geroepen wordt: "De joden aan het gas". De associatie met de Tweede Wereldoorlog is vreselijk. Wie ook maar iets weet van wat joden gedurende 1939-1945 hebben moeten mee maken, die zegt zoiets niet. Ook niet tegen supporters van een club die zich associëren met joden. 

Maar dit associëren gaat mij wel te ver. Wanneer ik de beelden en de gescandeerde woorden samenvoeg, dan roept dit bij mij het idee op antisemitisme. Niet van mij, maar van de Ajax-supporters. Zij geven de indrukking, dat joden gewelddadig zijn en vernielzuchtig en dat Aboutaleb, en in de burgemeester heel Rotterdam, voor hen moet vrezen.

Is dit wat we anno 2014 willen? Is dit de manier om jezelf boven een ander te verheffen. Voetbal moet op het veld gewonnen worden. Supporters hebben hun club aan te moedigen. Laten we daar eens mee beginnen en onthouden dat aanmoedigen niet betekent iemand of iets kapot te maken.
De KNVB en Ajax zelf gaan over strafmaatregelen tegen vandalen. Daarbij geldt dat wie niet wil horen, maar moet voelen. Dit is niet willekeurig, maar gevolg van eigen handelen en dan valt er niets te vieren.






woensdag 16 april 2014

Hij is hier niet

In het begin schiep God de hemel en de aarde. In het begin riep Hij de mens tot aanschijn en plaatste hem in de hof van Eden. In het begin riep God tot Adam: Waar bent u? Maar Adam was nergens in de hof te vinden. Het was als of de Heere God tot de conclusie moest komen: Hij is hier niet. Maar ineens klonk er een stem tussen de bomen van de hof door. Adam had zich met zijn vrouw verborgen. Uit schaamte. Omdat hun beider ogen open waren gegaan. Omdat ze gegeten hadden van de vrucht van de boom van kennis van goed en kwaad.
Adam was er dus nog wel, maar eigenlijk ook niet meer. Want de mens die de Heere God geschapen had, was er niet meer. De mens die met God wandelde in de hof van Eden was dood. Geestelijk dood. Daarom werd de mens ook verwijderd uit de hof van Eden. Hij kon niet meer samen leven met de heilige God. Want de verdorven mens bracht de doodsgeur voort.
Het is een geur die wij niet ruiken, omdat deze geur rondom ons hangt. Precies zoals een boer niet opmerkt, dat hij de geur van mest verspreidt en een roker geen weet heeft van de geur van rook die om hem heen hangt. Zo merkt een mens niet op, dat hij geestelijk dood is en een stank van onheiligheid en verderf verspreid. Het is zelfs tegenovergesteld. De mens vindt zich vaak maar al te goed en heilig en is zich van geen enkel kwaad bewust.

Toch zou een mens beter moeten weten. Want naast het geestelijk sterven van Adam, kwam ook de lichamelijke dood in zicht. De eerste mens die lichamelijk stierf was Abel. Zullen Adam en Eva zich afgevraagd hebben, wat zij met zijn lichaam aan moesten? Levenloos. Koud en verstijfd. Uiteindelijk zullen zij Abel begraven hebben. Want zijn lichaam ging stinken. Zo verspreidt ook het lichaam van de mens de doodsgeur. Het benadrukt de onheiligheid van de mens.
Nu hebben we daar wat op gevonden. Geurige specerijen. Al is dit maar voor even. Wanneer de Heere Jezus bij het graf van Lazarus vraagt om de steen weg te halen, dan krijgt hij als antwoord: hij ruikt al, want hij ligt hier al voor de vierde dag. Wanneer, niet veel later, sommige vrouwen de steen weg willen laten halen bij het graf van Jezus om het dode lichaam van Jezus te zalven, dan zullen ze bijna hetzelfde geroken hebben, als ze gedaan hebben bij het open graf van Lazarus. Want voor Jezus was het al de derde dag, dat Hij in het graf lag.
Toch willen zij uit eerbied voor de Heere Jezus Zijn lichaam zalven. Het was op de dag van zijn begrafenis niet of haast niet gebeurd. Jozef van Arimathea had alles met de nodige haast moeten doen, omdat de sabbat op aanbreken stond. Daarom kwamen de vrouwen vroeg in de morgen op de eerste dag van de week bij het graf van Jezus om Zijn lichaam als nog te zalven. Maar feitelijk bevestigt de dood van een mens, dat de mens gelijk het gras is. Wanneer de wind erover is gegaan, is Hij er niet meer en zijn plaats kent hem niet meer. Hij is hier niet.

Zo is de mens geestelijk en lichamelijk dood. En Jezus? Hij is aan het kruis gestorven en daarmee lichamelijk dood. Terwijl Hij aan het kruis stierf was Gods toorn op Hem, omdat Hij de zonde der wereld op Zich genomen had. Zo is Jezus ook een geestelijke dood gestorven. Hij is niet meer. Dood en begraven. Nog slechts in het graf te vinden. Waarbij de specerijen, waarmee de vrouwen Hem willen zalven, uiting geven van eerbied, maar die slechts voor even is.
Het graf van Jezus. Als de vrouwen er aankomen, merken ze, dat de steen al weggerold is van voor de opening. Ruiken zij al de geur van de dood? Ons wordt niet verteld wat ze ruiken. Mogelijk wordt de geur ook wel verbloemd door de specerijen die ze bij zich hebben. Wie is hen voor geweest en het graf al binnen gegaan?
Wanneer zij het graf ingaan, zien zij een jongeman. Maar dit is niet één van de jongeren die Jezus volgde. Hij is gekleed in een wit en lang gewaad. Wie is hij? Wat doet hij hier? Waar is het lichaam van Jezus? De vrouwen zijn ontdaan. Het is zo anders, dan zij verwacht hadden tegen te komen. Wat is hier gebeurd.
De jongeman stelt hen gerust. Wees niet ontdaan. Ze mogen van de schrik bekomen. Hij weet waarvoor ze komen. Alleen wanneer zij Jezus de Nazarener zoeken, de Gekruisigde, dan zijn zij op de verkeerde plaats. Hij is hier niet. Maar waar dan wel! Toen Adam niet in de hof van Eden leek te zijn, bleek hij zich verstopt te hebben tussen het geboomte van de hof. Maar geestelijk gestorven moest hij deze geestelijke hof verlaten. Het lichaam van Jezus was verstopt in het graf, maar waarom moest Hij dit graf verlaten?

Dit is het heerlijke nieuws van Pasen. Bij de dood van de Heere Jezus aan het kruis stopt de neergang van de mens. Er heeft een verandering plaatsgevonden die zichtbaar is geworden in het lege graf. Door de Heere Jezus is het graf niet meer de plaats waar de mens gevonden kan worden.
Het graf van Jezus zegt: Hij is hier niet. Evenzo zeggen de graven van hen die in Christus gestorven zijn: Hij is hier niet. Zoals het graf van Jezus leeg is, zo zullen eens al de graven van de gestorven heiligen leeg worden. De lichamen van hen die in het geloof in Jezus Christus gestorven zijn zullen opstaan om verenigd te worden met de ziel, die weer geestelijk tot leven is gewekt, omdat zij gereinigd zijn door het bloed van Christus, dat vergoten is aan het kruis op Golgotha.
Hij is hier niet. Deze woorden zeggen, dat de Heere Jezus als eersteling opgestaan is van de doden. De geur van de dood hangt niet langer over de mens heen. Er is voldoening gebracht door het zoenoffer van Jezus Christus. Hij heeft betaald met Zijn bloed en zo de schuld van de mens bij God voldaan. Wees niet langer ontdaan. Laat de dood niet langer bevreesd maken. Jezus Christus is opgewekt en is niet bij de doden te vinden. Hij is de Levende en heeft de weg naar het paradijs weer geopend. Door Hem is de boom des levens weer toegankelijk voor een ieder die het heil verwacht van Hem Die is en Die was en Die komt en van Jezus Christus, Die de Eerstgeborene uit de doden. Amen

dinsdag 8 april 2014

Een missionaire kerkbode

-----  Onlangs kreeg ik onderstaande vragen per mail ----- 
 
Goedemiddag Jan,
In onze gemeente willen we binnenkort gaan nadenken over het (beter) inzetten van de kerkbode met het oog op de rand van de kerk. Dit naar aanleiding van een artikel hierover in de De Waarheidsvriend. We hebben nu een tweewekelijkse kerkbode van onze eigen gemeente. Er was ooit een kwartaaluitgave voor de jeugd (voornamelijk online, dat liep via kerkjeugd.nl waar nu niet veel meer gebeurt). Er is een website (vrij star, er wordt gewerkt aan een nieuwe versie, die overigens nog steeds vrij star blijft) en er zijn wat aarzelende stappen gezet om meer met Facebook te doen. Wat overigens voor onze beide predikanten niets is...

Omdat jij nogal actief bent met nieuwe media maar je toch ook in een traditionele gemeente zit, was ik benieuwd wat jouw ideeën over dit onderwerp zijn. En hoe jullie het in Giessenburg aanpakken. Wellicht ook als het gaat om wat werkt richting jongeren. De jeugdouderling droomt over een wekelijkse nieuwsbrief met verwerkingsvragen bij de preek, bijvoorbeeld, maar is dat nou iets waar jongeren warm voor lopen?

Wellicht kun je mee een beetje voort helpen!

Ik hoor graag van je.
 
----Mijn antwoord ---- 


Beste .........,

Mooi om te horen dat jullie hiermee bezig zijn. Belangrijke vragen stel je hierbij. Mag ik alles samenvatten onder de vraag hoe de jongeren en de rand van de kerk te bereiken is?
Je begint te vertellen over het (beter) inzetten van de kerkbode met het oog op de rand van de kerk. Dit roept al meerdere vragen op. Wat is het doel hiervan? Is dit met betrekking tot kerkelijke activiteiten en proberen de rand hiervoor warm te laten lopen. Is de bedoeling pastoraal en hen door een meditatie, verwerkingsvragen of via andere manieren meer aan de 'kudde' te verbinden? Belangrijk bij alles wat opgezet wordt, is het doel ervan. In het boek 'De sociale netwerk kerk' wordt dit uitgelegd aan de hand van het opzetten van een website.
Tegelijk moet opgemerkt worden, dat een kerkbode valt onder de oude media. Iets waar jongeren en ook mensen aan de rand van de kerk niet naar omkijken. Ze hebben of nemen geen abonnement en wanneer het in de bus gedrukt wordt, belandt het bij het oud papier. Een kerkbode die niet iets weg heeft van een magazine is vaak niet aantrekkelijk genoeg en zal dus niet dat bereik hebben, wat gewenst is. De vraag is of via de kerkbode wel geprobeerd moet worden om mensen aan de rand van de kerk te benaderen.

Een oplossing hiervoor is niet een papieren versie maar een digitale. Jongeren en mensen aan de rand zouden gevraagd kunnen worden of zij de digitale versie van de kerkbode willen ontvangen. Dit biedt mogelijkheden, maar zal wel 'aantrekkelijk' opgezet moeten zijn. Dus niet alleen tekst en zeker geen grote lappen tekst. Een nieuwsbrief van een krant of een andere organisatie zou als voorbeeld kunnen dienen. Korte stukken tekst met een afbeelding en met een link voor wie verder wil lezen. Hierdoor kan verwezen worden naar stukken op de website van de kerk, de Facebookpagina of naar een andere website. Bijvoorbeeld YouTube, BEAM of krant. Natuurlijk kan een onderdeel zijn de reactie op de dienst / preek. Eventueel ook al voorafgaand, maar dan moet de predikant wel wat met de reacties doen. Ook achteraf zal er zorg gedragen moeten worden aan de juiste verwerking van reacties. Ook hierbij zal bedacht moeten worden wat de doelstelling is, maar wanneer een nieuwsbrief meerdere korte stukjes en linken heeft, kan een ieder er uitpikken wat gewenst is.
Belangrijk is, dat een nieuwsbrief steeds nieuw is en niet de indruk geeft, dat het een kopie is van de weken ervoor. Input verzamelen zal een belangrijk onderdeel zijn. Tijdens de winterperiode zal er veel verwezen worden naar kerkelijke activiteiten. Rond de feestdagen naar sites waar het christelijke feest uitgelegd wordt of naar liederen op YouTube die over dit feest gaan. Bijvoorbeeld het lied Via Dolorosa van Sela rond Goede Vrijdag. Voorafgaande aan een dienst waar het sacrament van doop of avondmaal bediend wordt, kan verwezen worden naar sites die hier informatie over geven. Zo zijn er tal van mogelijkheden.
Wil het een plek krijgen bij mensen aan de rand van de kerk en bij jongeren, dan is een vast verschijningsmoment belangrijk. Niet wisselend door de week, maar steeds op dezelfde dag en op het zelfde tijdstip.

Wat betreft de website is het belangrijk, dat deze actueel is en aantrekkelijk. Wanneer er rond de Pasen nog iets vermeld wordt over kerst, dan stoot dit af. Een website moet zeer regelmatig bijgehouden worden en actueel zijn. Daarbij ook aantrekkelijk.
In eigen gemeente hebben we nu een groep die alles bij de kop wil pakken, maar die staan nog aan het begin. Want ook bij ons is het star of slechts iets van de enkeling, zoals de Facebook-pagina van de jeugd of van Vorming en toerusting. Ik ben dan ook wel benieuwd of jullie met andere en mogelijke nieuwe ideeën komen. ik hoor het graag van je.

Kern is in ieder geval om helder te hebben wat de bedoeling is en om daar te zijn waar de mensen te vinden zijn met de middelen die tegenwoordig voor handen zijn.

met een hartelijke groet,
Jan Holtslag